Vlammende 24-uursdienst bij brandweer
Ton Cranenbroek, gemeente Helmond

Als je communiceert, moet je dat zo duidelijk mogelijk doen. Dat spreekt voor zich.
Aangezien ik vanuit de afdeling Communicatie van de gemeente Helmond de communicatieconsulent ben van de brandweer,
is het voor mij handig om deze organisatie zo goed mogelijk te begrijpen.
Vandaar dat ik op 12 december een 24-uurs dienst heb meegedraaid bij het Helmondse korps.
Zo’n 24-uursdienst kent een vaste indeling van activiteiten, mits deze niet worden verstoord door een alarmmelding.

Het verloop van de dag

Het is even voor acht in de morgen als ik me meld bij de collega’s van de C-ploeg van de brandweer. Ik mag vandaag met hen een dag en een nacht meelopen.
Ik moet zeggen dat het voor mij allemaal best spannend is. Ik weet namelijk niet wat me te wachten staat die dag. Het enige wat ik weet, is dat over een heel jaar gezien, de brandweer gemiddeld genomen zo’n 3 keer per dag uitrukt. Maar wat ik vandaag voor mijn kiezen krijg …?

De dag begint met een briefing. Dan wordt kort doorgesproken wat er de vorige dag en de afgelopen nacht is gebeurd. Tijdens de briefing waarschuwt Paul van Veghel, de teamchef, voor kans op gladheid. Het is namelijk aardig fris die ochtend. De temperatuur ligt dan net boven het vriespunt, maar in de nacht heeft het gevroren en men verwacht die dag regen.
Daarna leidt Arnold van Horssen, plaatsvervangend teamchef, me rond. Hij zorgt ervoor dat ik een goed passend brandweerpak, laarzen een pieper en een portofoon krijg en wijst mij alvast waar mijn slaapkamer is.

In de tussentijd zijn de brandweerlieden op pad voor de stratenverkenning of zijn ze druk bezig met onderhoudswerkzaamheden. De brandweer onderhoudt haar materiaal namelijk zo veel mogelijk zelf. Om 9.00 uur is het tijd voor de nodige beweging. Dan wordt een uurtje gesport in de gymzaal op de kazerne. Daarmee wordt zowel aan de conditie als aan teambuilding gewerkt.
Aangezien het team uit echte voetbalsterren bestaat, die hun heil niet op het voetbalveld maar bij de brandweer hebben gezocht, wordt er een balletje getrapt. Daarmee leer ik de mannen ook snel wat beter kennen. Het is overigens mooi om te zien hoe snel ik wordt opgenomen in de groep. Ik had nioet het gevoel dat ik een buitenbeentje was.

Na het sporten is het tijd voor de dagelijkse instructies. Dan wordt getraind hoe te handelen bij verschillende incidenten (ongeval met gevaarlijke stoffen, auto-ongeval met beknelling etc.)
Paul van Veghel waarschuwt mij bij aanvang van de les dat het niet altijd even plezierig is, wat een brandweerman op zijn netvlies krijgt geprojecteerd. Ik had me dat van tevoren wel beseft, maar had die gedachte ook al snel weer naar de achtergrond verdrongen. Goed dus om dit voor die dag in het achterhoofd te houden.

Om 12.00 uur wordt er gezamenlijk warm gegeten om daarna weer aan de slag te gaan met allerlei klussen. Zo staat op de planning dat er nog onder andere nog moet worden gesleuteld, geschilderd, de lege persluchtflessen moeten nog worden gevuld en de persluchtmaskers gereinigd. Maar die planning ging dus niet door.

Terwijl we nog even aan het uitbuiken zijn van het eten, klinkt het plotseling ta-tu-ta-tu door de hele kazerne en beginnen op verschillende plaatsen rode lampen te knipperen. Oeps, schiet het kort door mijn hoofd, het alarm gaat. En dan worden brandweermannen snel, kan ik u vertellen. Ze vliegen bijna letterlijk uit hun stoel en zitten dan in ‘no time’ in de brandweerwagen. Tijdens de rit geeft teamchef Paul van Veghel ons nog extra inlichtingen. Er is een melding binnengekomen van brand op een specerijenbedrijf aan de Lage Dijk. De afspraak was, dat ik bij de chauffeur zou blijven. Bij aankomst blijkt het om een kleine brand te gaan in een van de specerijenmolens van het bedrijf.

Nadat de brand is geblust, kunnen we met een gerust hart weer richting kazerne. Daar worden de werkzaamheden weer voortgezet. Die middag komen er nog twee telefoontjes binnen over wateroverlast. De vorst van de nacht ervoor heeft ervoor gezorgd dat leidingen zijn bevroren en zijn gesprongen. En als het dan gaat dooien … tja, dan begint het water weer te stromen.

Om 17.00 uur wordt weer gezamenlijk gegeten. Iedereen ontspant zich op zijn manier. De één zit te internetten, de ander leest een krant, of kijkt het nieuws op TV. In de tussentijd wordt het langzaam later en zoekt iedereen zijn bed op. Tot op dat moment zijn er geen meldingen meer binnengekomen.

Ook ik heb in de tussentijd mijn bed opgezocht. Ik moet zeggen dat ik nou niet bepaald rustig ben gaan slapen. (On)bewust lag ik te wachten op het moment dat de sirene zou gaan, omdat ik zeker niet te laat bij de auto wilde aankomen, of erger nog, mezelf zou verslapen. Het is een paar minuten voor middernacht als ik op eens ta-tu-ta-tu door de luidspreker op mijn kamer hoor galmen en de lamp op de kamer automatisch aangaat.

Oh jeeh, alarm! Snel mijn kleren aan. De waarheid gebied te zeggen dat ik mijn kleren dusdanig had neergelegd dat ik deze zelfs in het pikkendonker in een recordtijd had kunnen aantrekken. En om de tijd van het omkleden nog verder te beperken, had ik mijn sokken ook maar aangehouden tijdens het slapen. Ik trek de deur van mijn slaapkamer open, ga rap de trap af en ren naar de auto. Al hollend zie ik ook anderen de trap afkomen. Niet te laat dus, denk ik nog bij mezelf.

Er is een melding binnengekomen van een eenzijdig auto-ongeval met beknelling. Ter plekke blijkt de schade gelukkig mee te vallen. De bestuurder van de auto is onwel geworden en heeft een verkeerslicht geramd. Daarbij is de auto flink beschadigd en heeft de man lichte verwondingen opgelopen. Nadat de man uit zijn voertuig is bevrijd en de weg weer is vrijgemaakt voor het verkeer, vertrekken we weer richting kazerne, om het bed weer op te zoeken. Die nacht zijn er geen verdere meldingen meer geweest.

Respect

Dat brandweermannen goed werk verrichten was mij wel als duidelijk, Maar als je een dag met hen kunt meedraaien, besef je pas goed hoe waardevol en dankbaar het werk is dat de brandweerlieden verrichten. Ik kan concluderen dat het beroep van brandweerman, met recht een respectvol beroep mag worden genoemd. Daar waar anderen hun handen van een karwei terugtrekken of niet meer weten hoe verder te gaan, springen zij voor jou in de bres en helpen zoveel ze kunnen.

Ik wil bij deze de heren van de brandweer, en met name team C bij deze nogmaals hartelijk danken voor de medewerking en uitleg die ik heb gekregen. Ik ben een hele ervaring rijker en snap nu nog beter wat er zoal speelt op de kazerne. Ik ben ervan overtuigd dat dit de communicatie ten goede komt. Daarmee is mijn doel dus bereikt.