| Oeps!
Brandweerwerk is mensenwerk. Ook bij ons gaat
niet altijd alles goed. Een collega die niet wakker wordt van het alarm,
een gevalletje blikschade onderweg naar een klus, dat soort zaken kan
natuurlijk de beste overkomen! In zo'n geval zeg ik altijd "oeps!"
Een typisch "oepsgeval" was een nachtelijke
uitruk in de binnenstad van Helmond. We waren uitgerukt voor een melding van
brand op een balkon, een wasdroger zou in brand staan. Ter plaatse bleek dat
het balkon bij de woning was getrokken, het betrof dus eigenlijk een
binnenbrand. Door een paar grote ruiten zagen we op het voormalige balkon
van de flatwoning inderdaad flinke vlammen. Ik was die dag chauffeur van de
hoogwerker. Snel stelde ik het voertuig op. Samen met Arnaud ging ik omhoog,
met een straal hogedruk. Tevens had ik een ram in de korf gelegd zodat we
eventueel de ruit uit de sponning konden slaan.
De bewoonster van het pand stond ondertussen op straat, ze was dankzij haar
blaffende hondje net op tijd wakker geworden. In haar haast had ze de
sleutels in het huis laten liggen en de deur dichtgegooid. Zodoende moest de
andere helft van de ploeg dus de voordeur forceren om de woning binnen te
komen. Ondertussen had ik de
korf van de hoogwerker voor de brandende flatwoning gemanoeuvreerd.
Aangezien de rest van de ploeg nog niet binnen was, gaf onze chef de
opdracht om alvast toegang te verschaffen tot de woning en het ergste vuur
te blussen. De vlammen zagen we ondertussen langs het plafond van de
woonkamer likken. Arnaud en ik
draaiden onze veiligheidsbrillen omlaag en ik pakte de ram. "Opgepast
beneden, de ruit gaat er nu uit" gaf ik door over de portofoon" Met een
flinke dreun ramde ik met de ram de ruit aan diggelen, waarna Arnaud direct
een straal op het vuur richtte. Binnen een minuut was het vuur
verdwenen. "Ik zal even het glas uit de sponning verwijderen" zei ik tegen
Arnaud. "Kan je er beter bij".
En wat denk je dat er gebeurd? Als ik het eerste stuk glas uit het kozijn
wil trekken schuift het hele raam open. "Oeps!"
Het raam was dus helemaal niet gesloten... Foutje, bedankt!
En dan het poesje in de Kotterlaan. Het beest
was op een druilerige zaterdagmorgen in een grote conifeer achter een
flatgebouw geklommen.
Met veel kabaal maakte de viervoeter de buurt duidelijk het niet eens te
zijn met zijn positie. Aangezien het standaardbeeld van de brandweer volgens
de meeste mensen nog steeds "redden van poezen uit bomen" is, werden wij dus
gebeld. Of we even konden helpen.
Aangezien we met het blusvoertuig én de
hoogwerker net op de terugweg waren van een automatisch brandalarm besloten
we even met heel de ploeg te gaan kijken. Ter plaatse blijkt de conifeer
onbereikbaar te zijn voor onze hoogwerker. Daarom pakken we de grote
schuifladder van het blusvoertuig, die ook ruim tien meter de lucht in kan.
Peter besluit mij omhoog te sturen, aangezien ik iets met katten heb. Aan
het gegrom en gemiauw bovenin de conifeer te horen is het geen vriendelijk
beestje, of heeft ie op zijn minst een zeer slecht humeur. Daarom zet ik
mijn helm op en doe mijn handschoenen aan.
Gadegeslagen door de rest van de ploeg en
nagenoeg de hele bevolking van het flatgebouw, inclusief eigenaresse, klim
ik de ladder op.
Halverwege verdwijnt de ladder in de megaconifeer, waardoor niemand mij nog
ziet vanaf beneden. Ik moet tot het uiterste puntje van de ladder klimmen om
bij de brommende kater te komen. "Dag poezepoes" zeg ik vriendelijk tegen
het beest. Zijn bek gaat wijd open en hij blaast tegen mij. "Nou nou,
vriendelijkheid kost geen geld!" Als ik te dicht bij het beest komt klimt
hij nog hoger. Ik zit zo'n meter of tien hoog in de conifeer. Bij de
uiterste punt kan ik niet komen, dus wil ik voorkomen dat hij nog hoger
klimt. Ik kan nog net bij zijn staart. Dus rest mij maar een oplossing, hem
aan zijn staart terugtrekken.
Als ik de staart vastpak wordt het beest helemaal gek...en neemt een sprong.
Miauwwwwwwwwwwwwwww...... Ik hoor het publiek "oooooh" roepen en een
bescheiden "bonk". Poes is uit de boom! "Oeps"
Stoïcijns meldt ik Peter over de portofoon dat ik de kat niet kan
vinden. "Ja ja, hij is al beneden. Kom ook maar hier naar toe"
Gelukkig is ook dit beest op zijn pootjes terecht gekomen. De eigenaresse
heeft ons zelfs nog bedankt! Een
grotere oeps-kwestie vond plaats toen ik net een jaar of twee bij de
brandweer werkte. Samen met Eddy was ik met onze oude hoogwerker, die we tot
een jaar of vier geleden in dienst hadden, in een nieuwbouwwijk aan het
rijden. Het is uiteraard belangrijk om ook de weg in nieuwbouwwijken te
kunnen vinden. Ik had toen nog
niet zo lang mijn vrachtwagenrijbewijs, dus echt veel rijervaring had ik nog
niet. Ik moest aan het eind van een straat een vrij scherpe bocht naar links
nemen, vlak langs een droogstaande sloot. Helaas nam ik hem wel erg scherp,
waardoor de achterwielen van ons voertuig wegzakten in de zachte berm, vlak
bij de slootkant. De hoogwerker zat onmiddellijk vast, we kantelden nog net
niet om. "Oeps!" Voorzichtig keek ik eens naar rechts, nou ja, beter gezegd
omhoog, naar Eddy. "Volgens mij hebben we een probleem" merkte Eddy droogjes
op. Nadat we met enige moeite
waren uitgestapt zagen we al snel dat we dit probleem met zijn tweeën niet
konden verhelpen. Bij een huis in de buurt heb ik de kazerne gebeld en om
hulp gevraagd. Het leek ons niet zo verstandig ons verzoek via de mobilofoon
te versturen. Aangezien er tegenwoordig nogal wat mensen met een scanner
zijn, waaronder journalisten...
Met behulp van de rest van de ploeg lukte het binnen een uur om de
hoogwerker weer uit zijn benarde positie te trekken. En wonderwel zonder
schade! Gelukkig komen "oeps"
gevallen niet dagelijks voor. Maar zoals ik al stelde, ook brandweerwerk is
gewoon mensenwerk!
En zolang we er nog om kunnen lachen... |