Zondagmorgen om één minuut over vijf... "Brandalarm,
uitslaande brand in een stacaravan op de camping aan de Eindseweg in Overberg".
Snel trek in mijn kleren aan en haast me naar de brandweerkazerne, binnen
enkele minuten zijn we al onderweg naar Overberg.
De bevelvoerder geeft ons de opdracht om ademlucht om te hangen. Als we
net aan het rijden zijn horen we dat onze tweede wagen, een
manschappenvoertuig, zich ook al inmeldt over de mobilofoon.
Onderweg naar Overberg, een rit van een minuut of vijf, krijgen we te
horen dat er waarschijnlijk nog twee slachtoffers in de caravan aanwezig
zijn. De adrenaline in mijn bloedt begint al sneller te stromen...
De alarmcentrale besluit alvast een tweede bluseenheid te alarmeren.
Aangekomen bij de camping worden we door
een een agent met een politieauto opgevangen, die ons snel over het
terrein naar de brand begeleid.
Op zich is de brand moeilijk te missen, vlammen slaan hoog uit de twee
voorste ramen van de caravan.
Bij de caravan zit een gehavende man op een stoel. Ons voertuig staat
amper stil als we er al uit springen. Terwijl de man bij een buurcaravan
onder de douche wordt gezet, ga ik samen met mijn maat en de bevelvoerder
op verkenning uit, onder dekking van een straal. Twee andere collega's
worden van buitenaf ingezet op de brandhaard met een tweede straal.
Personeel van de ondertussen gearriveerde manschappenwagen maakt de
waterwinning gereed.

De uitgebrande caravan bij daglicht...
Achter de caravan treffen we een gasfles
aan, die we dichtdraaien, afkoppelen en naar de pompbediende brengen. Snel
gaan we dan weer verder
met de verkenning, door een kapot raam aan de achterkant van de caravan
zien we de haren van een slachtoffer boven een soort van kastje uitkomen,
de vrouw reageert helaas niet op ons aanroepen. We spoeden ons naar de
deur aan de andere zijde van de aanbouw en forceren die met een koevoet.
We begeven ons snel naar het slachtoffer en nemen haar met behulp van de
Rautekgreep, een speciale greep om slachtoffers te vervoeren, mee naar
buiten. Mijn maat tilt haar bovenlichaam, terwijl ik haar benen begeleidt.
Buiten neemt de ondertussen ter plaatse gekomen ambulancebezetting haar
onmiddellijk over.
Omdat een collega van de tweede straal is uitgegleden in een slecht zichtbare vijver
aan de zijkant van de caravan besluit de bevelvoerder ons nogmaals naar
binnen te sturen in plaats van hen. Met een drijfnat pak is het niet zo
verstandig een snoeihete caravan binnen te gaan, gelet op stoomvorming. We
sluiten onze ademlucht weer aan en gaan terug naar binnen. Na een korte
verkenning door de zeer smalle vertrekken van de caravan treffen we ook
het tweede slachtoffer aan, liggend op de grond in een gangetje. Mijn
collega kijkt of
het slachtoffer nog reageert en daar dit niet het geval is brengen we haar
snel met behulp van wederom de Rautekgreep naar buiten, wat niet meevalt
in de smalle gangetjes. Buiten schiet onze collega met het natte pak
gelijk te hulp bij het dragen van het slachtoffer.
Ondertussen zijn de extra gealarmeerde
ploegen ook ter plaatse gearriveerd. De bezetting van de tweede
bluseenheid bestrijdt de brand verder vanaf de buitenzijde van de caravan,
terwijl wij voor de derde keer naar binnen worden gestuurd voor een
naverkenning en het afblussen van de brand. De lucht in onze
ademluchtflessen is nog lang niet op en we gaan dan ook snel weer naar
binnen. Pas nu voel ik eigenlijk hoe verschrikkelijk heet het is in de
caravan, wat ik door de reddingsactie niet in de gaten moet hebben gehad. Ik sta in het smalle gangetje en richt de
straalpijp op de smeulende resten in de woonkamer, intussen controleert
mijn maat de aan de gang grenzende kleine slaapkamers, we vinden verder
gelukkig niets en besluiten ons dan te richten op de verdere blussing en verkenning
van de woonkamer. Het vuur is snel geblust.
Terug buiten krijgen we te horen dat het
tweede slachtoffer helaas is overleden, bij het eerste slachtoffer zijn ze
nog bezig met reanimatie. Het lukt om weer een ritme te krijgen bij de
vrouw waarna ze met spoed wordt overgebracht naar het ziekenhuis.
Na een paar uur keren we weer terug naar
de kazerne, alwaar het gebruikelijke ritueel van voertuigen klaarmaken
plaatsvindt. Niemand weet tenslotte wanner de volgende inzet zich
aandient. Wanneer we hiermee klaar zijn verzamelen we voor een
nabespreking waarin de hele inzet van A tot Z de revue passeert. Het is
ondertussen acht uur in de morgen. Ook twee mensen van het
Brandweeropvangteam, ook wel BOT genaamd uit Amersfoort begeleiden ons en adviseren hoe om te gaan
met de ervaringen die we opgedaan hebben bij de uitruk van deze morgen. Iedereen vertelt zijn ervaring, en we zijn het er over eens dat we de
inzet op een snelle en juiste manier hebben uitgevoerd.
De rest van de zondag kon ik goed voelen dat zo'n inzet als ik deze dag
ervaren heb erg veel energie vreet. Gelukkig kan ik er goed over praten
met mijn omgeving en merk dan ook dat dit erg oplucht.
Ik zit nu ongeveer drie en een half jaar bij de Amerongse brandweer en dit
is was mijn eerste inzet in een brandend object en dan ook nog eens direct
twee
slachtoffers..... Dit was echt mijn vuurdoop. Dit zijn de
vervelende dingen van het brandweervak, maar voorlopig heb ik wel het
gevoel dat ik er op een juiste manier mee om weet te gaan. Helaas kreeg ik
kort na deze inzet te horen dat het tweede slachtoffer ook aan haar verwondingen is
overleden. Maar ja, we hebben gedaan wat we konden.